Dictionary
› alms
„alms" in Dutch
How do you say "alms" in Dutch?
alms
→
de aalmoes
/ðɪ ˈɑːmz/
✓ Verified by a human
Translations · 4
- the alms→de aalmoes
- almonds→amandelen
- almost→bijna
- almost→haast
Phrases · 6
- to give alms→aalmoezen geven
- to offer alms→aalmoes geven
- a bowl for alms→een bedelkom
- bitter almonds→de bittere amandelen
- the throat almonds→de keelamandelen
- almost $100→bijna $100
Example sentences · 20
- He doesn't give alms. → Hij geeft geen aalmoezen.
- Alms never make poor. → Aalmoezen geven verarmt niet.
- Do you give alms regularly? → Geef je regelmatig aalmoezen?
- She gives alms to the poor. → Ze geeft aalmoezen aan de armen.
- He used to give alms regularly. → Hij gaf vroeger regelmatig aalmoezen.
- The monk carries a bowl for alms. → De monnik draagt een bedelkom.
- A bowl for alms isn't used for storage. → Een bedelkom wordt niet gebruikt voor opslag.
- Did she use to give alms to the poor? → Gaf zij vroeger aalmoezen aan de armen?
- Should alms have been offered before the morning chant? → Had aalmoes gegeven moeten worden voor de ochtendrecitatie?
- Almost always. → Bijna altijd.
- It's almost six. → Het is bijna zes uur.
- I'm almost broke. → Ik ben bijna blut.
- I'm almost ready. → Ik ben bijna klaar.
- It's almost dark. → Het is bijna donker.
- Beer is not made of almonds. → Het bier is niet gemaakt van amandelen.
- I almost died. → Ik ging bijna dood.
- You almost hit me. → Je hebt me bijna geraakt.
- It is almost blue. → Het is net tegen blauw aan.
- I am almost ready. → Ik ben bijna klaar.
- It is almost noon. → Het is bijna middag.
See also
Learn "de aalmoes" forever
Taalhammer schedules reviews so you never forget. Add this word and practice it in the app.