Dictionary
› elderly
„elderly" in Dutch
How do you say "elderly" in Dutch?
elderly
→
hulpbehoevend bejaarden
/nˈiːdɪ ˈɛldəlɪ
ˈɛldəlɪ ɪn nˈiːd/
Phrases · 6
- needy elderly, elderly in need→hulpbehoevend bejaarden
- elderly man→de oudere man
- the elderly→ouden van dagen
- elderly lady→de oudere dame
- very elderly→de hoogbejaarden
- elderly care→de ouderenzorg
Example sentences · 24
- Tom's elderly. → Tom is bejaard.
- Tom was elderly. → Tom was bejaard.
- The elderly caregiver looks after the elderly. → De bejaardenverzorger verzorgt bejaarden.
- Elderly people need good companionship. → Ouderen hebben goed gezelschap nodig.
- Do you care for the elderly? → Zorg jij voor ouderen?
- She cares for the elderly. → Ze zorgt voor ouderen.
- Elderly patients face higher pneumonia risk. → Oudere patiënten lopen een hoger risico op longontsteking.
- Do you visit the elderly often? → Bezoek je vaak ouderen?
- He doesn’t visit the elderly anymore. → Hij bezoekt ouderen niet meer.
- They don’t care for the elderly often. → Ze zorgen niet vaak voor ouderen.
- This is a problem for elderly people. → Dit is een probleem voor ouderen.
- They were the nightmare of the elderly. → Ze waren de nachtmerrie van de ouderen.
- Have you ever cared for the elderly? → Heb je ooit voor ouderen gezorgd?
- Many elderly still live on their own. → Veel ouderen wonen nog zelfstandig.
- She visits the elderly every Sunday. → Ze bezoekt ouderen elke zondag.
- She gave her seat to an elderly person. → Ze gaf haar zitplaats aan een bejaarde.
- Elderly care is all care for older people with health problems. → Ouderenzorg is alle zorg voor oudere mensen met gezondheidsproblemen.
- The elderly have many stories to tell. → Ouderen hebben veel verhalen te vertellen.
- I helped an elderly lady cross the road. → Ik hielp een oude dame oversteken.
- I visit my elderly aunt in her nursing home. → Ik zoek mijn bejaarde tante op in haar verzorgingstehuis.
- My grandma lives in a home for the elderly. → Mijn oma woont in een tehuis voor ouderen.
- They might not care for the elderly this year. → Ze zorgen dit jaar misschien niet voor ouderen.
- The new scheme for elderly care worked well. → Het nieuwe stelsel voor ouderenzorg werkte goed.
- I think the elderly should give way to the young. → Ik vind dat de ouderen plaats moeten maken voor de jongeren.
See also
Learn "hulpbehoevend bejaarden" forever
Taalhammer schedules reviews so you never forget. Add this word and practice it in the app.