Dictionary
› rascal
„rascal" in Dutch
How do you say "rascal" in Dutch?
rascal
→
de deugniet
/ðə ɹˈaskəl/
✓ Verified by a human
Translations · 4
- the rascal→de deugniet
- the rascal→de kwajongen
- rat, rats→de rat, de ratten
- rash→ondoordacht
Phrases · 6
- little rascal→de kleine deugniet
- Rash→overhaast
- rash→roekeloos
- rain, rains→regen, regens
- Ran→Weggelopen
- Ram→Ram
Example sentences · 13
- You're such rascals! → Wat zijn jullie toch een vlegels!
- Pinocchio's only fault was that he had too many friends. Among these were many well-known rascals, who cared not a jot for study or for success. → Het enige wat Pinokkio fout deed was dat hij te veel vrienden had. Veel hiervan waren beruchte deugnieten die opleiding en succes geen moer kon schelen.
- Rain, rain go away! → Regen, regen, ga weg!
- I have a rash. → Ik heb een huiduitslag.
- I have a rash. → Ik heb uitslag.
- Rats breed rapidly. → Ratten broeden snel.
- A box of raspberries, please. → Een doos frambozen, alstublieft.
- Do you have a rash? → Heb je uitslag?
- rabies → de hondsdolheid
- It rains all day. It has rained all day. → Het regent de ganse dag. Het heeft de ganse dag geregend.
- It's raining. → Het regent.
- It's raining. → Het is aan het regenen.
- It rains a lot. → Het regent veel.
See also
Learn "de deugniet" forever
Taalhammer schedules reviews so you never forget. Add this word and practice it in the app.