Dictionary
› stamp
„stamp" in Dutch
How do you say "stamp" in Dutch?
stamp
→
stampen
/tə stˈamp/
✓ Verified by a human
Translations · 4
- to stamp→stampen
- to stamp→trappelen
- the stamp→de postzegel
- stamp collection→de postzegelverzameling
Phrases · 6
- the stamp, the stamps→de postzegel, de postzegels
- a stamp→een postzegel
- red stamp→het rood stempel
- stamp pad→het stempelkussen
- date stamp→de datumstempel
- stamp duty→het zegelrecht
Example sentences · 20
- the stamp → de stempel
- A ticket must be stamped with stamp. → Een kaartje moet met postzegel gefrankeerd worden.
- I need a stamp. → Ik heb een postzegel nodig.
- You can get stamps from a stamp machine. → Postzegels haalt u uit een postzegelautomaat.
- to stamp your ticket → je ticket afstempelen
- The stamp came off. → De stempel ging eraf.
- I have a very old stamp. → Ik heb een erg oude postzegel.
- We're stamp collectors. → Wij zijn postzegelverzamelaars.
- I'd like an 80-yen stamp, please. → Geef me alsjeblieft een stempel van 80 yen.
- An envelope and a stamp, please. → Een envelop en een postzegel.
- An envelope and a stamp, please. → Een envelop en een postzegel, alstublieft.
- There isn't a stamp in her passport. → Er zit geen stempel in haar paspoort.
- He showed me his stamp collection. → Hij liet me zijn postzegelverzameling zien.
- Prior to use, you must ink the stamp. → U moet de stempel ininkten voor gebruik.
- Did you put a stamp on the envelope? → Heb je een stempel op de envelop gezet?
- Have you ever seen Tom's stamp collection? → Heb je Toms postzegelverzameling al een keer gezien?
- The secretary sticks a stamp on an envelope. → De secretaresse plakt een postzegel op een envelop.
- She takes great pride in her stamp collection. → Ze is erg trots op haar postzegelverzameling.
- I need to buy stamps. → Ik moet postzegels kopen.
- Do you sell stamps? → Verkopen jullie postzegels?
See also
Learn "stampen" forever
Taalhammer schedules reviews so you never forget. Add this word and practice it in the app.