Dictionary
› to lift
„to lift" in Dutch
How do you say "to lift" in Dutch?
to lift
→
om het op te tillen
/tə lˈɪft ɪt/
Phrases · 6
- to lift it→om het op te tillen
- lift→optillen
- to lift a ban→een verbood opheffen
- to lift a leg→een been optillen
- to lift loads→ladingen heffen
- lift up→Omhoog brengen
Example sentences · 24
- Lift off! → Opstijgen!
- to use a ski lift → een skilift gebruiken
- to get a chair lift → een stoeltjeslift krijgen
- to use a chair lift → een stoeltjeslift gebruiken
- Lift the mosquito net. → Til het muskietennet omhoog.
- Is there a lift? → Is er een lift?
- Where is the lift? → Waar is de lift?
- Is it hard to lift the box? → Is het moeilijk om de doos op te tillen?
- He's strong enough to lift that. → Hij is sterk genoeg om dat op te tillen.
- I wouldn't like to lift my partner. → Ik zou mijn partner niet willen optillen.
- Tom gave Mary a lift. → Tom gaf Mary een lift.
- He is so strong as to lift it. → Hij is sterk genoeg om dat op te tillen.
- Is the lift working? → Werkt de lift?
- Can you lift this leg? → Kun je dit been optillen?
- He couldn’t lift that box. → Hij kon die doos niet optillen.
- I cannot lift this stone. → Ik kan deze steen niet oppakken.
- You can't lift the piano. → Je kunt de piano niet optillen.
- Why don't we give Tom a lift? → Waarom geven we Tom geen lift?
- Would you like us to give you a lift? → Wil je dat we je een lift geven?
- Is he strong enough to lift the box? → Is hij sterk genoeg om de doos op te tillen?
- She is not strong enough to lift it. → Zij is niet sterk genoeg om het op te tillen.
- I can't lift my right arm. → Ik kan mijn rechter arm niet optillen.
- Did you take the ski lift? → Heb je de skilift genomen?
- He is going to lift weights today. → Hij gaat vandaag gewichten heffen.
See also
Learn "om het op te tillen" forever
Taalhammer schedules reviews so you never forget. Add this word and practice it in the app.